Ondersteuningsteam en externen

Hier worden de verschillende functionarissen in de 1e, 2e en 3e lijns zorg en hun taken wat betreft de zorg omschreven.

1e lijn:
– De mentor
De  mentor is het eerste aanspreekpunt voor de leerling en ouders. De mentor heeft zicht op het algemene welbevinden en de schoolresultaten van zijn leerlingen en zorgt ervoor, indien nodig, dat zijn leerlingen de juiste (extra) begeleiding / ondersteuning krijgen. Dit doet hij bijvoorbeeld door advies te vragen bij de zorgcoördinator of de leerling in te brengen bij het interne zorgteam of het Zorg Advies Team. De mentor is voorzitter bij het bespreken van zijn groep tijdens de leerlingbespreking, hij rapporteert  signalen, onderhoudt het leerlingvolgsysteem en besluit welke stappen ondernomen moeten worden.
– Docenten die geen mentor zijn
Docenten zijn in eerste instantie verantwoordelijk voor hun vakgebied, maar hebben daarnaast een belangrijke signalerende functie. Docenten zullen zorg die zij voor leerlingen hebben, delen met de mentor van de desbetreffende leerling.
– OOP
Ook Onderwijsondersteunend personeel (OOP) kan een signalerende functie hebben. Zij delen eventuele zorgen met de mentor.

2e lijn
– Ondersteuningscoördinator
‘De ondersteuningscoördinator heeft de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van alle zorgprocessen. Zij is de contactpersoon naar diverse partners zoals: de GGD, de leerplicht ambtenaar en het samenwerkingsverband (Fryslan-Noard). Tevens overlegt de ondersteuningscoördinator met externe hulpverleningsinstanties. De ondersteuningscoördinator zet zorgtrajecten uit op vraag van de mentor. De ondersteuningscoördinator werkt altijd samen met de betreffende mentor en ondersteunt de mentor indien hij/zij aangeeft handelingsverlegen te zijn. De ondersteuningscoördinator organiseert de bijeenkomsten van het interne zorgteam en het Zorgadviesteam waar ze tevens voorzitter van is.
– Docenten met een specifieke taak in de leerlingzorg (leerlingbegeleiders/ jongenscoach)
Zij dragen zorg voor leerlingen, waarvan de mentor aangegeven heeft dat extra zorg noodzakelijk is, of waarbij dit naar voren is gekomen uit een signaleringsinstrument (bijvoorbeeld de SVL, dyslexie-screening ed.). Hierbij gaat het om extra hulp wat betreft studievaardigheden (leren plannen), sociaal-emotioneel welzijn, faalangstreductietraining of ondersteuning bij dyslexie of NT-2. In overleg met een docent met die specifieke zorgtaak kan ook besloten worden hulp/ondersteuning buiten school te zoeken. Zij zijn daarnaast aanspreekpunt voor leerlingen en ouders, indien zij daar behoefte aan hebben.
– Decaan
De decaan geeft de mentor aanwijzingen om zijn begeleiding t.a.v. het keuzeproces zo goed mogelijk te laten plaatsvinden. De decaan coördineert de contacten met het vervolgonderwijs.
– Vertrouwenspersoon
De vertrouwenspersoon is er voor de leerlingen en het personeel wanneer er sprake is van seksuele intimiteiten (tussen leerlingen onderling, tussen personeel onderling en tussen leerling en personeel). 

3e lijn
– Gebiedsteam/dorpenteam (de sociaal werker)
Voor leerlingen die extra ondersteuning/gesprekken nodig hebben op sociaal-emotioneel gebied kan school ouders adviseren om het gebiedsteam of dorpenteam in te schakelen.(het gebiedsteam- of dorpenteam is gekoppeld aan de wijk of het dorp waar de leerling woonachtig is). Het gebiedsteam is een onafhankelijk werkend team dat bestaat uit medewerkers vanuit verschillende disciplines die integraal werken binnen het brede sociale domein. Deze zijn generalistisch, maar hebben allemaal hun eigen specialisme (o.a. Wmo, ouderen, Verstandelijke beperking, werk en inkomen en jeugd/pedagogiek). Het zorgadviesteam kan advies in winnen bij het gebiedsteam (wat aan de school gekoppeld is).
– Jeugdverpleegkundige
De Sociaalverpleegkundige (GGD) heeft gesprekken om te helpen bij zaken die met lichamelijk welzijn te maken hebben. Hij is lid van het ZAT. Verder voert hij onderzoeken uit in de tweede klassen havo en bespreekt de resultaten met de zorgcoördinator (alleen bij toestemming van ouders). Daarnaast heeft de sociaalverpleegkundige ook een taak bij leerlingen die veel verzuim vertonen en adviseert hij de school in deze gevallen.
– Leerplichtambtenaar
De leerplichtambtenaar is lid van het ZAT. Hij heeft behalve zijn rechtstreekse taak rond leerplicht een belangrijke rol bij verwijzingen en meldingen bij officiële instanties. De leerplichtambtenaar houdt elke zes weken een verzuimspreekuur op school.
– School als Vindplaats.
Sinds het begin van het jaar 2022 is Montessori High School een School als Vindplaats locatie. Wekelijks zijn de jeugdverpleegkundige en de jongerenwerker in de Kúle te vinden. Hier bieden zij laagdrempelige zorg aan. 1 keer per 2 vindt er een overleg met de zorgcoördinator plaats.

Samenwerking met ouders bij de ondersteuning
Onze school werkt samen met ouders. De taak om ouders te betrekken bij de ondersteuning ligt bij de docent, mentor, ondersteuningscoördinator, onder/bovenbouwcoördinator, antipestcoördinator, leerlingbegeleiding, verzuimcoördinator en schoolleiding. Ouders worden op diverse manieren geïnformeerd over de voortgang en het welzijn van hun kind. De mentor is altijd het eerste aanspreekpunt voor ouders/verzorgers.

Aanmeldproces
Wanneer een leerling wordt aangemeld bij onze school wordt altijd onderzocht of en welke extra onderwijs- en/of ondersteuningsbehoeften er zijn voordat de leerling ingeschreven wordt op school. Bij leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften vindt warme overdracht plaats met de vorige school. Wanneer de school niet kan voldoen aan de onderwijs- en/of ondersteuningsbehoefte van een leerling wordt er gezocht naar een passende plek.

De verantwoordelijkheid voor het aanmeldproces ligt bij de ondersteuningscoördinator en de onder-/bovenbouw coördinator