Ondersteuning en voorzieningen

Visie en ambitie

In grote lijnen kunnen we passend onderwijs omschrijven als een geheel van voorzieningen en activiteiten die erop gericht zijn dat leerlingen, zowel individueel als in groepsverband, optimaal kunnen functioneren en profiteren van het aanbod van de school en zo op een optimale wijze worden voorbereid op een vervolgopleiding en op de maatschappij. Korte lijnen en helderheid vormen belangrijke aspecten hiervan.

Het doel van alle medewerkers op deze locatie is: de ontwikkeling van alle leerlingen op zowel cognitief als op sociaal-emotioneel gebied zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Hierbij houden we rekening met de individuele leerling en zijn unieke, individuele behoeften en (on)mogelijkheden.

Alle leerlingen hebben tijdens de sova/stuva lessen de uitnodiging gekregen om via een vragenlijst hun mening te geven over het ondersteuningsaanbod van onze school.

Alle leerlingen hebben een vragenlijst ontvangen welke zij mochten invullen. 92% van de leerlingen is tevreden over de ondersteuning die er binnen en buiten de school geboden wordt.  Leerlingen die begeleiding ontvangen zijn tevreden net als de leerlingen die gebruik maken van het spectrumhuis.

Ondersteuning en voorzieningen


Basisondersteuning

De basisondersteuning is de hulp die elke leerling, als deze die nodig heeft, op elke school in het samenwerkingsverband kan krijgen. De meeste leerlingen kunnen met de basisondersteuning het onderwijsprogramma op dezelfde manier volgen als hun klasgenoten. Binnen het Samenwerkingsverband is hierover het volgende afgesproken: Basisondersteuning is de ondersteuning die op alle scholen binnen een samenwerkingsverband beschikbaar is voor alle leerlingen binnen het samenwerkingsverband. De basisondersteuning is gericht op onderwijsdeelname en op het mogelijk maken van een doorlopende onderwijsloopbaan voor alle leerlingen binnen de school in een veilige, stimulerende leer- en ontwikkelingsomgeving.

Extra ondersteuning

Voor een aantal leerlingen is er meer nodig dan de basisondersteuning. Bijvoorbeeld een aanpassing van het onderwijsprogramma, specialistische begeleiding, het volgen van lessen in het spectrumhuis of aanpassingen van toetsen en examens. De hulp en aanpassingen worden voor een langere tijd en voor deze individuele leerling ingezet. Hiervoor wordt een plan opgesteld, dat wordt een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) genoemd. Ouders en de leerling denken mee in het opstellen en de evaluatie van dit OPP. Zo zijn de ouders en de leerling constant inhoudelijk en formeel betrokken bij de beslissingen over de aanpassingen in de extra ondersteuning. Omdat de extra ondersteuning altijd maatwerk is, wordt dit door het bevoegd gezag, in overleg met ouders en leerling, bepaald.

Binnen onze school kunnen leerlingen gebruik maken van ondersteunende software bij dyslexie.
Voor leerlingen met internaliserende problematiek is 3 dagen in de week het spectrumhuis beschikbaar. Het volgen van een gedeelte van de lessen in het spectrumhuis kan vanaf klas 2 en is alleen mogelijk na overleg met de zorgcoördinator.


Ondersteuningsteam en externen

Hier worden de verschillende functionarissen in de 1e, 2e en 3e lijns zorg en hun taken wat betreft de zorg omschreven.

1e lijn

De mentor

De  mentor is het eerste aanspreekpunt voor de leerling en ouders. De mentor heeft zicht op het algemene welbevinden en de schoolresultaten van zijn leerlingen en zorgt ervoor, indien nodig, dat zijn leerlingen de juiste (extra) begeleiding / ondersteuning krijgen. Dit doet hij bijvoorbeeld door advies te vragen bij de zorgcoördinator of de leerling in te brengen bij het interne zorgteam of het Zorg Advies Team. De mentor is voorzitter bij het bespreken van zijn groep tijdens de leerlingbespreking, hij rapporteert  signalen, onderhoudt het leerlingvolgsysteem en besluit welke stappen ondernomen moeten worden.

Docenten die geen mentor zijn

Docenten zijn in eerste instantie verantwoordelijk voor hun vakgebied, maar hebben daarnaast een belangrijke signalerende functie. Docenten zullen zorg die zij voor leerlingen hebben, delen met de mentor van de desbetreffende leerling.

OOP

Ook Onderwijsondersteunend personeel (OOP) kan een signalerende functie hebben. Zij delen eventuele zorgen met de mentor.

2e lijn

Ondersteuningscoördinator

‘De ondersteuningscoördinator heeft de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van alle zorgprocessen. Zij is de contactpersoon naar diverse partners zoals: de GGD, de leerplicht ambtenaar en het samenwerkingsverband (Fryslan-Noard). Tevens overlegt de ondersteuningscoördinator met externe hulpverleningsinstanties.

De ondersteuningscoördinator zet zorgtrajecten uit op vraag van de mentor.

De ondersteuningscoördinator werkt altijd samen met de betreffende mentor en ondersteunt de mentor indien hij/zij aangeeft handelingsverlegen te zijn.

De ondersteuningscoördinator organiseert de bijeenkomsten van het interne zorgteam en het Zorgadviesteam waar ze tevens voorzitter van is.

Docenten met een specifieke taak in de leerlingzorg (leerlingbegeleiders/ jongenscoach)
Zij dragen zorg voor leerlingen, waarvan de mentor aangegeven heeft dat extra zorg noodzakelijk is, of waarbij dit naar voren is gekomen uit een signaleringsinstrument (bijvoorbeeld de SVL, dyslexie-screening ed.). Hierbij gaat het om extra hulp wat betreft studievaardigheden (leren plannen), sociaal-emotioneel welzijn, faalangstreductietraining of ondersteuning bij dyslexie of NT-2. In overleg met een docent met die specifieke zorgtaak kan ook besloten worden hulp/ondersteuning buiten school te zoeken. Zij zijn daarnaast aanspreekpunt voor leerlingen en ouders, indien zij daar behoefte aan hebben.

Decaan
De decaan geeft de mentor aanwijzingen om zijn begeleiding t.a.v. het keuzeproces zo goed mogelijk te laten plaatsvinden. De decaan coördineert de contacten met het vervolgonderwijs.

Contactpersoon

De contactpersoon vangt leerlingen op  met klachten, die vallen onder de klachtenregeling De contactpersoon  begeleidt hem of haar naar de vertrouwenspersoon.

Vertrouwenspersoon
De vertrouwenspersoon is er voor de leerlingen en het personeel wanneer er sprake is van seksuele intimiteiten (tussen leerlingen onderling, tussen personeel onderling en tussen leerling en personeel). 

3e lijn

Gebiedsteam/dorpenteam (de sociaal werker)

Voor leerlingen die extra ondersteuning/gesprekken nodig hebben op sociaal-emotioneel gebied kan school ouders adviseren om het gebiedsteam of dorpenteam in te schakelen.(het gebiedsteam- of dorpenteam is gekoppeld aan de wijk of het dorp waar de leerling woonachtig is)

Het gebiedsteam is een onafhankelijk werkend team dat bestaat uit medewerkers vanuit verschillende disciplines die integraal werken binnen het brede sociale domein. Deze zijn generalistisch, maar hebben allemaal hun eigen specialisme (o.a. Wmo, ouderen, Verstandelijke beperking, werk en inkomen en jeugd/pedagogiek).

Het zorgadviesteam kan advies in winnen bij het gebiedsteam (wat aan de school gekoppeld is)

Jeugdverpleegkundige
De Sociaalverpleegkundige (GGD) heeft gesprekken om te helpen bij zaken die met lichamelijk welzijn te maken hebben. Hij is lid van het ZAT. Verder voert hij onderzoeken uit in de tweede klassen havo en bespreekt de resultaten met de zorgcoördinator (alleen bij toestemming van ouders). Daarnaast heeft de sociaalverpleegkundige ook een taak bij leerlingen die veel verzuim vertonen en adviseert hij de school in deze gevallen.

Leerplichtambtenaar
De leerplichtambtenaar is lid van het ZAT. Hij heeft behalve zijn rechtstreekse taak rond leerplicht een belangrijke rol bij verwijzingen en meldingen bij officiële instanties. De leerplichtambtenaar houdt elke zes weken een verzuimspreekuur op school.

School als Vindplaats.
Sinds het begin van het jaar 2022 is Montessori High School een School als Vindplaats locatie. Wekelijks zijn de jeugdverpleegkundige en de jongerenwerker in de Kúle te vinden. Hier bieden zij laagdrempelige zorg aan. 1 keer per 2 vindt er een overleg met de zorgcoördinator plaats.

Samenwerking met ouders bij de ondersteuning

Onze school werkt samen met ouders.     

De taak om ouders te betrekken bij de ondersteuning ligt bij de:

 – Leraar / mentor

 – Ondersteuningscoördinator

 – Directie, team- of afdelingsleider

 – Leerlingbegeleider

Toelichting op de samenwerking met ouders

Ouders worden op diverse manieren geïnformeerd over de voortgang en het welzijn van hun kind.
De mentor is altijd het eerste aanspreekpunt voor ouders/verzorgers.

Aanmeldproces

Wanneer een leerling wordt aangemeld bij onze school wordt altijd onderzocht of en welke extra onderwijs- en/of ondersteuningsbehoeften er zijn voordat de leerling ingeschreven wordt op school.

Bij leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften vindt warme overdracht plaats met de vorige school.

Wanneer de school niet kan voldoen aan de onderwijs- en/of ondersteuningsbehoefte van een leerling wordt er gezocht naar een passende plek.

De verantwoordelijkheid voor het aanmeldproces ligt bij:

– Ondersteuningscoördinator

– Onder-/bovenbouw coördinator


Ondersteuningsbeleid

Hoorrecht van leerlingen op hun (individuele) ondersteuningsaanbod (opp):
Vanuit de Montessori visie is het belangrijk dat leerlingen betrokken worden bij hun eigen ontwikkeling. Gesprekken over het opp worden bij ons op school niet over maar met de leerling gevoerd. Leerlingen worden vanaf het eerste moment meegenomen. Hierbij wordt zowel gekeken naar de kwaliteiten van de leerlingen als de ontwikkeldoelen.  Vanuit het montessorigesprek is de leerling al gewend om hierover in gesprek te gaan.  Leerlingen zijn bij alle zorggesprekken aanwezig, tenzij er in het belang van de leerling een reden is om gedeeltelijk niet aanwezig te zijn. Leerlingen hebben inspraak in het handelingsdeel en mogen meedenken en meebeslissen over welke acties er worden ingezet. Leerlingen kunnen altijd bij de ondersteuningscoördinator terecht wanneer zij vragen hebben over de ondersteuning.