Zorgstructuur

Binnen de scholen van OSG Piter Jelles is in eerste instantie het docententeam verantwoordelijk voor de begeleiding van leerlingen. De mentor of coach houdt de voortgang van de leerling in de gaten en biedt de gewenste zorg.

Zorgfunctionaris

Is de zorg die de mentor of coach verleend niet voldoende, dan komt de zorgvraag bij de pedagogisch medewerker van de school terecht. Op iedere locatie van OSG Piter Jelles zijn er één of meerdere zorgfunctionarissen werkzaam. Het kan zijn dat de zorgfunctionaris besluit om advies in te winnen over hoe om te gaan met een situatie en/of leerling. Dit gebeurt in het Zorg Advies Team (ZAT).

Zorg Advies Team

In het interne Zorg Advies Team nemen verschillende personen op aanvraag plaats. Denk hierbij aan de zorgcoördinator, het afdelingshoofd/de leerjaarcoördinator, de schoolverpleegkundige, de leerplichtambtenaar, jongerenwerker, medewerker van het gebiedsteam en/of een gedragskundige van Samenwerkingsverband Fryslân-Noard.

Ontwikkelingsperspectief

Wanneer er sprake is van een extra ondersteuningsbehoefte kan er in overleg en op advies een ontwikkelingsperspectief (opp) voor de leerling worden opgesteld. Bij de uitvoering van het ontwikkelingsperspectief kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van specialisten die bij de school zijn aangesloten. Het belang van de leerling staat hierin altijd voorop. We betrekken de ouders/verzorgers bij alle voorgenomen acties.

Samenwerkingsverband

OSG Piter Jelles is aangesloten bij Samenwerkingsverband Fryslân-Noard. Wanneer de extra ondersteuning bijvoorbeeld niet het gewenste effect heeft kan er gebruik gemaakt worden van de expertise van het samenwerkingsverband. Bij het samenwerkingsverband kan er gebruik worden gemaakt van de expertise van de consulent passend onderwijs, de gedragsdeskundige op de leerspecialist. Daarnaast biedt het samenwerkingsverband het OPDC aan, daar kan optimaal worden ingespeeld op de individuele ondersteuningsbehoefte van de leerling. De verblijfsduur in het OPDC varieert. Het doel is om de leerlingen zoveel en zo snel mogelijk weer terug te laten keren, in principe naar de eigen school, maar soms ook naar een andere VO school, het MBO of het VSO